Virginia Woolf. Een schrijversleven – Alexandra Harris

Nog een biografie van Virginia Woolf? Ja, en een goede ook. In kort bestek krijg je inzicht in schrijfsters leven en werk en vooral in de samenhang tussen beide. Voor Bloomsbury-neofieten, maar ook voor gevorderde Woolfies.

Het is toch durven, de zoveelste biograaf zijn van een icoon als Virginia Woolf (1882-1941). Alexandra Harris waagt zich er aan, spontaan en tegelijk strak afgemeten. Bescheiden schrijft ze over haar boek als “een eerste halte voor mensen die Woolf nog niet kennen en als een verleiding om meer van haar te gaan lezen”. Ze plaatst zich zelf ook nadrukkelijk op de schouders van reuzen als Hermione Lee, die de ultieme, veel dikkere Woolfbiografie schreef.
De jonge Alexandra Harris (°1981) is hoogleraar Engelse literatuur aan de universiteit van Liverpool. Ze schreef eerder ‘Romantic Moderns’, waarvoor ze de Guardianprijs voor het beste debuut kreeg. Deze biografie verschijnt exact een eeuw na het debuut van Woolf: ‘The Voyage Out’.
Harris citeert rijkelijk uit de romans van Woolf, uit haar uitgebreide correspondentie, haar decennia dagboeken. Zou deze vrouw tegenwoordig een blogster zijn, of een twitteraarster? Soms beschreef ze een gebeurtenis op vier verschillende manieren, in brieven en voor zichzelf, en zelden herhaalde ze een zin.

Strakke vertelling

De biografie slaagt er in om dit wijd vertakte leven, dat al zo minutieus is gedocumenteerd, in een strakke bedding te vertellen. Alle protagonisten van de Bloomsbury-menagerie komen aan bod, maar zonder te veel detail. Ook dat is een verademing, na de zoveelste gespecialiseerde studie van de interieurinrichting van Charleston Farmhouse, het schildershuis van Virginia’s zus Vanessa Bell, of een biografie van de dienstboden van de Woolfs …
Harris blijft bij de feiten, maar gaat ook niets uit de weg: de affaires met de adellijke Vita Sackville-West en met componiste Ethel Smyth, het misbruik door haar halfbroer, de bipolaire stoornis, de zenuwinzinkingen, zelfmoordpogingen en tenslotte haar zelfgekozen verdrinking in de Ouse. Hoewel het toch fascinerend is om te zien wat een literair werkpaard Virginia eigenlijk was, ondanks al deze tegenslagen. Ze schreef, recenseerde, corrigeerde bijna ononderbroken, en ter afwisseling was ze letterzetter voor de Hogarth Press, die ze samen met haar man Leonard runde.

Romans als wegwijzers

De heipalen in het levensverhaal zijn de romans en essaybundels. Telkens verknoopt Harris roman en leven aan elkaar. Bijvoorbeeld: Virginia’s zoektocht naar wie haar moeder eigenlijk was, vindt een echo in Mrs. Ramsay in ‘To the Lighthouse’, ook een moeilijk te vatten “aanwezigheid”.
Alexandra Harris merkt mooi op hoe subtiel het werkt bij Woolf, hoe de intuïtie zo’n grote rol kan spelen in haar werk. Haar belangrijkste herinnering kwam uit haar kindertijd, in het vakantiehuis in Cornwall. In bed hoort ze half slapend, half wakend de branding. “Een herinnering aan veilig en stil zijn, met intussen een scherp besef van de grote wereld achter het gordijn”, schrijft Harris. “Uiterlijk gebeurt er niets”, maar het is “een van de verborgen openbaringen die in Woolfs fictie naar boven komen als de ordenende principes van ons leven”. Dat zijn de flitsen van helderheid, de moments of being van de auteur.
Een paar karaktertrekken zet Harris sterk in de verf: Virginia Woolf was altijd een buitenstaander. Te beginnen met het feit dat ze nooit naar school mocht, als meisje in Victoriaanse tijden. Ze stond ook buiten het kinderrrijke, vaak hersamensgestelde gezin van haar weelderige schilderende zus. Dat gaf haar een “onorthodox perspectief”.
En nog zo’n mooie analyse is dat Woolf weliswaar niet direct over de twee wereldoorlogen heeft geschreven, maar dat al haar naoorlogse romans ingaan “op de omwegen via welke we onze verliezen verwerken”.

Wie is er bang voor Virginia Woolf?

Na haar dood in ’41 komt de Woolfbusiness op gang, oneerbiedig uitgedrukt. “Gepolitiseerd, gefeminiseerd, geromantiseerd, geseksualiseerd, gehekeld, gerehabiliteerd: de postume Virginia Woolf was het boegbeeld van tegenstrijdige belangen.” Alexandra Harris merkt het op, maar mengt zich niet in de discussie. Het is waar dat Woolf nog altijd argwaan wekt. “Woorden als ‘moeilijk’, ‘elitair’, ‘gestoord’, ‘wereldvreemd’ zweven om haar heen.” Hoe dan ook is het de moeite waard om haar te blijven lezen, te herlezen of voor het eerst te ontdekken.
Alexandra Harris komt wat provocerend tot de constatie dat “Woolf haar eigen feestje was en haar werk een lofzang op het leven”. En ze maakt een mooi besluit: “Veel is controversieel aan Woolf, veel kan aanzetten tot discussie en kritiek. Maar wat ze verder ook doet, ze zorgt er in ieder geval voor dat je bewuster en intenser wilt leven”. Een prachtig eerbetoon, met bovendien mooie, niet zo bekende foto’s.

[Virginia Woolf. Een schrijversleven van Alexandra Harris is uitgegeven bij Hollands Diep, 2015, 239p]

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s